In het decembernummer

De commissie op bezoek in het geselecteerde Arnhemse project High Park. Foto: Stijn Brakkee

 

JAARBOEK LANDSCHAPSARCHITECTUUR EN STEDENBOUW 2022

Het decembernummer van Blauwe Kamer is een speciale uitgave. Het bevat het Jaarboek Landschapsarchitectuur en Stedenbouw in Nederland, een onafhankelijke en kritische reflectie op het werk van Nederlandse landschapsarchitecten en stedenbouwkundigen.  

 

De 19 projecten in deze editie zijn gekozen door een selectiecommissie, bestaande uit voorzitter Esther Agricola (voorheen gemeente Amsterdam, nu BPD), stedenbouwkundige Edzo Bindels (West 8), landschapsarchitect Berdie Olthof (Feddes/Olthof), stedenbouwkundige en onderzoeker Mike Emmerik (Crimson) en landschapsarchitect Jana Crepon (InsideOutside).  De selectie is in algemene zin gebaseerd op 1. originaliteit en vernieuwing (‘brengt het project de vakgebieden verder?’); 2. betekenis en relevantie in het licht van actuele opgaven en tendensen; 3. vakmanschap en voorbeeldigheid.

 

Tegen de achtergrond van deze criteria legt elke selectiecommissie eigen accenten. Zo nam de commissie zich voor om vooral projecten te kiezen die ‘ontwerpplezier’ uitstralen en die aantonen waartoe stedenbouw en landschapsarchitectuur in staat zijn (zowel in de concrete inrichting van plekken als de aanpak van complexe transities). Het is immers een mooie tijd voor ruimtelijk ontwerpers, met veel kansen om aan maatschappelijke projecten te werken. Er is behoefte om verschillende opgaven met elkaar te verknopen en juist ontwerpers zijn door hun verbeeldingskracht in staat om samenhangende concepten op tafel te leggen. Daarvan zien we in de projecten genoeg terug: van sculpturale bruggen tot strakke geometrisch grondvormen tot het landschap als “spons”.

 

In deze jaarboekeditie veel aandacht voor wat de commissie de 'eeuw van de biologie' noemt, en waarbij in ons denken en handelen natuurlijke systemen en processen centraal staan en ontwerpprincipes gestoeld zijn op circulaire, symbiotische, temporele en natuurinclusieve wetmatigheden. Ook had de selectiecommissie oog voor het belang van pionierswerk en experiment, de noodzaak van ontwerpend onderzoek en de staat van de stedenbouw.

 

De gekozen project zijn onderverdeeld in 4 themablokken.

 A. Stem van de natuur

Over het weer luisteren naar natuurlijke systemen, met name door bodem en water weer leidend te maken bij ruimtelijke ontwikkelingen.

 

B. Het alledaagse mooi maken

Over hoe ook vanzelfsprekende en alledaagse plekken en ruimtes, of ruimtes die we zouden vergeten, het verdienen om ontwerpkwaliteit mee te krijgen. Zodat het ‘echte’ plekken worden, met een duidelijke identiteit en verblijfskwaliteit.

 

C. Pionierswerk

Over het belang en de betekenis van experimenteren en uitproberen, van andere werkwijzen en ontwerpmethoden.

 

D. Ontwerpplezier

Over de aandacht en toewijding van ontwerpers, over het plezier dat van projecten spat – die vaak vooral voelbaar is en niet per se aanwijsbaar.

 

DE VERHALEN

Interview met minister Hugo de Jonge

Sinds begin dit jaar heeft Nederland weer een minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. In die functie verkondigt Hugo de Jonge overal dat we voor een enorme verbouwing staan, omdat we in onze schaarse ruimte plek moeten vinden voor woningen, nieuwe vormen van landbouw, energieprojecten en klimaatadaptatie. In een groot interview gaan we met hem in gesprek over hoe hij dat als minister voor elkaar gaat krijgen. Hoe wil hij de regie terugpakken? Hoe zorgt hij dat al die vraagstukken – die ook nog eens bij andere departementen horen – in samenhang bekeken worden? Hoe voorkomt hij dat snelheid en aantallen de boventoon voeren? Welke rol ziet hij weggelegd voor het ruimtelijk ontwerp?

 

Bloemlezing: de toekomst van het landelijk gebied

We staan uitgebreid stil bij de toekomst van het landelijk gebied. Daarmee doelen we op de steeds vaker gehoorde oproep dat de complexe vraagstukken rondom natuur en landbouw (en dan niet alleen de stikstofcrisis, maar ook de aanpak van watertekorten, vervuiling, bodemdaling; de zoektocht aan de alternatieven vormen van agrarisch gebruik; de impact van de energietransitie en klimaatverandering; het tegengaan van biodiversiteitsverlies) om een zogenoemde ruilverkaveling 2.0 vragen. Zeg maar een algehele herinrichting van het onze buitengebieden.

Voor die herinrichting is ruimtelijke expertise nodig, en ontwerpkracht – en je hoort steeds meer betrokkenen en experts zeggen dat planologen, stedenbouwkundigen en landschapsarchitecten hiervoor aan de lat staan. Daarom vragen we vakgenoten om hun persoonlijke visie op dit onderwerp. Hoe zien zij die algehele herinrichting voor zich? Welke ruimtelijke benadering is nodig om al die vraagstukken van antwoorden te voorzien? Welke rol heeft daarin de natuur, de landbouw en de verwevenheid met de stad? Kortom, hoe ziet een duurzaam en aangenaam platteland er straks uit?

 

Mini-feature: Ontwerpen aan Luxemburg

Twee Nederlandse ontwerpteams kregen het afgelopen jaar de kans om ontwerponderzoek te doen naar hoe heel Luxemburg op termijn CO2-neutraal kan worden. Een dergelijke complexe opgave legt twee zaken bloot waarmee ook grote ontwerpstudies in Nederland mee te maken hebben. Aan de ene kant de noodzaak om grip krijgen op de enorme complexiteit (door vraagstukken met elkaar in verband te brengen, door ‘door de schalen heen te denken’, door in te spelen op politieke, economische en maatschappelijke tendensen), aan de andere kant om door ontwerp tot toegankelijke en begrijpelijke ontwerpvoorstellen te komen.

In dit verhaal gaan we met de betreffende bureaus in gesprek om te achterhalen hoe zij deze opgavehebben aangepakt. Hoe doorgrond je de complexiteit? Hoe stel je een multidisciplinaire team samen? Hoe zorg je dat je iedereen aanhoort? Hoe ga je om met de spanning tussen technische oplossingen en het inspelen op natuurlijke condities? Hoe voorkom je dat je met architectonische en ruimtelijke ideeën komt die losstaan van de ingewikkelde werkelijkheid?

Auteur: nader te bepalen

 

Mini-feature: Ruimte zat in de stad

Vorig jaar bracht KAW de studie Ruimte zat in de stad uit, over hoe de woningbouwopgave ingezet kan worden om naoorlogse stadswijken te verbeteren. In dit korte verhaal gaan we in gesprek met Reimar von Meding over de ins en outs van deze studie en in hoeverre zijn bevindingen en aanbevelingen voet aan de grond krijgen.

Auteur: Isabel van Lent of Hester van Gent

 

Beeldverhaal: wandelende bomen in Leeuwarden

De ultieme uiting van de door de selectiecommissie genoemde ‘eeuw van de biologie’ was dit jaar het kunstproject Bosk van landschapsarchitect Bruno Doedens. Maandenlang ‘wandelden’ tientallen bomen in Leeuwarden van plein naar plein. Hiermee wilde Doedens het gesprek over de vergroening van onze steden in een stroomversnelling brengen. Door te laten zien dat zoiets kan, door het belang voor natuur, klimaat en gemeenschapszin te tonen, en door het ‘reizende bos’ te zien als een levensechte maquette – de mensen kregen meteen te hoe hun straten en pleinen er met bomen uit zouden gaan zien. Fotograaf Marieke Kijk in de Vegte ging enkele zomerse dagen naar de Friese hoofdstad om vast te leggen welke invloed het tijdelijke bos had op het stedelijk leven.

 

Dit nummer verschijnt 10 december